“Borssele I&II was een pressure cooker”

“Borssele I&II was een pressure cooker”

Klant aan het woord: Bart Oberink, projectdirecteur van Consortium Innogy en Macquarie

Geleidelijk richt de windsector haar pijlen op alweer de derde Nederlandse offshore wind tender Hollandse Kust (zuid). Maar het waren Borssele I&II, de eerste windgebieden die door de Nederlandse overheid getendered werd, die veel stof deden opwaaien. BLIX hielp het internationale consortium dat bestond uit Innogy en Macquarie om een zo laag mogelijke biedprijs neer te leggen, waar Bart Oberink de rol als projectdirecteur vervulde. Een korte terugblik met hem op dit traject.

Hoe kijk je terug op het Borssele I&II project?

Bart Oberink vertelt: “De tenderfase van Borssele I&II was echt een pressure cooker. Er moest ontzettend veel werk verricht worden in een hele korte tijd. Het is een flinke klus om een goed onderbouwde biedprijs te bepalen. Daarnaast moet het project constant afstemmen met de partners om optimalisaties in het project te kunnen doorvoeren. Binnen de gestelde randvoorwaarden hebben we een bieding gedaan, alleen helaas niet het winnende.”

Wat was de bijdrage van BLIX in het project?

“Een stevige BLIX delegatie is betrokken geweest in dit project in rollen als windturbine, balance of plant en cables package managers. Hun toegevoegde waarde zit met name op het senior projectmanagement.Het zijn ervaren mannen met veel offshore wind kennis. Er waren vele uitdagingen in het project, waaronder de tijdsdruk, de complexiteit, de optimalisaties en innovaties die doorgevoerd moesten worden om een zo competitief mogelijk bod neer te leggen.

Innogy runt meerdere internationale projecten tegelijk in al de verschillende fases van een project life cycle. Onze expertise zit met name in Engeland en Duitsland. Per project bekijk je waar de behoefte en beschikbaarheid aan kennis en ervaring is en voor Borssele I&II heeft BLIX het consortium versterkt met hun senior project management expertise.”

Borssele I&II had een onverwacht lage biedprijs, III&IV nog lager. Is de bodemprijs bereikt?  

“Offshore wind moet uiteindelijk kunnen concurreren met andere bronnen van energie in een marktmechanisme. Of dat een CO2 markt of een capaciteitsmarkt of een ander soort markt wordt, dat weten we nog niet. De LCOE (levelised cost of energy) kan nog lager, turbines kunnen groter, onderhoud kan slimmer, funderingen kunnen verder geoptimaliseerd worden. Er is nog onvoldoende concurrentie in de waardeketen en de technologie zal zich verder ontwikkelen. Offshore wind stapt relatief gezien nog maar net uit de demofase naar grootschalige toepassing. Er is nog genoeg werk aan de winkel voor alle partijen die betrokken zijn bij offshore wind. En dat biedt kansen voor de sector.” 

En Innogy? 

“Offshore wind is de core business van Innogy en we houden alle Nederlandse ontwikkelingen in de gaten, maar zeker ook die in het buitenland. Je leert van deze projecten en doet het de volgende keer nog weer beter.